Twintigkamp
Na een hoop gestuntel met discussen, horden en polsstokken mag ik komend weekend weer los. In Lisse begin ik aan mijn vierde Twintigkamp. Dit zijn de eerste woorden van het stuk dat Lukas van der Storm stuurde. We zullen hem dit weekend uitgebreid volgen tijdens zijn 20 onderdelen!
Net als bij de vorige edities beleef ik een laatste week vol onzekerheden. Zit het wel goed met de snelheid? Duw ik niet per ongeluk een horde om zodat ik direct uit het toernooi lig? Op welke hoogte moet ik de lat leggen voor mijn eerste hoogspringpoging? Om nog maar te zwijgen van alle pijntjes die ik momenteel voel. Mijn linkerknie, rechterkuit, linkerarm en rechter grote teen. Overal heb ik kleine pijntjes…
Maar dat soort twijfels zijn er elk jaar, en tot nu toe is het steeds wonderbaarlijk goed gegaan. Daar hou ik me dan maar aan vast, en dus kijk ik ook wel met het nodige vertrouwen uit naar deze beproeving. Voor wie het nog niet weet: een twintigkamp bevat alle reguliere onderdelen van de tienkamp, aangevuld met alles wat er verder nog te verzinnen is op een atletiekbaan. Dat betekent dus dat er vooral loopnummers bij komen, zodat je als middenafstandloper die een beetje kan springen en absoluut niet kan werpen toch nog een redelijke score kan neerzetten.
De Spartaan in Lisse is al ruim een jaar bezig om in het kader van hun 50-jarig bestaan een mooie wedstrijd neer te zetten. De voortekenen beloven veel goed: er staat een mooi startveld van zo’n 100 (!) mannen en vrouwen, veel meer dan de afgelopen jaren in Delft. Daarbij lang niet alleen maar Nederlanders, maar ook Belgen, Duitsers, Finnen, Italianen, Britten, Spanjaarden, Zwitsers, Oostenrijkers… Het gaat komend weekend dan ook om het WK, al moet je dat met een korreltje zout nemen. In de wereld wordt er elk jaar slechts een handjevol twintigkampen georganiseerd, waarbij iedere wedstrijd minstens een World Cup is. Het WK kent dan ook gewoon open inschrijving, al was er dit jaar in eerste instantie een limiet vanwege de grote inschrijving. Nu er wat afmeldingen zijn, mag overigens alsnog iedereen meedoen.
Een herhaling van mijn tweede plaats van vorig jaar in Delft zit er door het sterke startveld waarschijnlijk niet in. Dat hoeft ook niet, want het voornaamste doel is om mijn score van 9.851 punten te verbeteren. Als ik ‘gewoon’ naar behoren presteer, moet dat makkelijk kunnen. Op een aantal onderdelen (polsstok, 200 meter horden, kogelstoten) heb ik behoorlijke progressie geboekt. Het slechten van de magische 10.000 punten-barrière is dan ook het doel. Al blijft het afwachten hoe het lichaam zich houdt en hoe mijn niveau op de loopnummers is. Pas na de eerste lange afstand (5.000 meter) is pas echt te zeggen op welk schema ik me kan gaan richten.
Het programma is als volgt.
Dag 1: 100 meter – verspringen – 200 horden – kogelstoten – 5.000 meter – 800 meter – hoogspringen – 400 meter – kogelslingeren – 3.000 steeple.
Dag 2: 110 horden – discuswerpen – 200 meter – polshoog – 3.000 meter – 400 horden – speerwerpen – 1.500 meter – hinkstapspringen – 10.000 meter.
Maar voor we zaterdag om 8.00 uur ‘s morgens starten, is er op vrijdagavond nog een opening. Daarbij krijgen we een rondleiding door het nabijgelegen kasteel, moeten we de startlijst officieel tekenen en gaat er flink wat pasta doorheen. De uitslagen zijn geloof ik semi-live te volgen via www.doubledecathlon.com. Verder twitter ik er tijdens de nummers lustig op los (@LvdSt), mits het energieniveau dat toelaat. Maar nu eerst nog even anderhalve dag uitrusten…
















heel veel succes ermee!